Wanneer je last krijgt van pijn, tintelingen en/of een doof gevoel in je duim, vingers en handpalm geven (zelden in de pink). En stralen deze klachten uit naar de hele hand en naar de onderarm. Dan heb je waarschijnlijk last van het Carpaal Tunnelsyndroom. Deze verschijnselen kunnen aan beide handen tegelijk optreden. ’s Nachts kunnen de klachten je slaap verstoren.

Spierkracht uit vanuit de polsen en de hand kunnen minder worden. Vooral de duimspieren hebben hier last van. Ook het gevoel neemt af. Daardoor kan zijn dat spullen uit de handen vallen. Deze onhandigheid is er in het begin vooral ’s ochtends, maar later kan dit de hele dag blijven bestaan. Bij ernstige klachten kunnen bepaalde werkzaamheden lastig uitgevoerd worden.

De huisarts zal moeten uitwijzen of je klachten onder het Carpaal Tunnelsyndroom vallen. Er zijn verschillende methoden om het Carpaal Tunnel Syndroom te behandelen:

  • Afwachten, soms gaat het vanzelf over.
  • Spalk toepassen, mocht daarbij druk ontstaan dan kun je hierbij WandelWol antidruk-wol aanbrengen bij je spalk ter verzachting.
  • Injectie, dit wordt gedaan na verwijzing door een arts.
  • Operatie

Na een operatie is het raadzaam om oefeningen te doen (via de fysio). WandelHout is een mooie tool om te oefenen en te knijpen om de pols en de hand weer in kracht te laten toenemen. Dat kan met en zonder het verband. Dit kan nog lang worden toegepast. Kortom; niet alleen voor het wandelen, maar ook voor revalidatie zijn de WandelHoutjes goed inzetbaar.