September 2021 – Ga mee het Wad op!

Wadlopen stond al enige tijd op mijn wensenlijst en met het einde van de zomervakantie in zicht leek dit mij een mooie afsluiter. Hoewel het weer niet echt mooie vooruitzichten bood, heb ik toch maar gegoogeld naar een tocht op de Wadden en Avontuurlijk Wadlopen met Peter als gids een Waddentocht geboekt. Met duidelijke voorschriften; wat wel of wat niet mee te nemen. En in goede lichamelijke conditie zijn, dat stond er ook bij. Dat laatste was niet zozeer mijn grootste zorg maar ik hadden me van tevoren wel druk zitten te maken of ik nu wel of niet naar de kringloop zou gaan voor het halen van oude gympen. Om op het laatst toch maar te besluiten gewoon de wandelschoenen mee te nemen. De andere dag maar eens zien hoe de schoenen eraan toe zijn.

 

De verzamelplek was bij Wierum – het bijna noordelijkste puntje van Friesland. Om via het Wad op Engelsmanplaat te komen moet je eerst vanaf de dijk (waar de schaapjes genoten van het vette gras) naar beneden lopen en vanaf daar stap je via een dikke laag slik het Wad op. Wanneer je voor het eerst gaat Wadlopen en geen idee hebt wat je te wachten staat, dan denk je algauw dat de hele route flink ploeteren wordt door de dikke drek van zand, blubber en verrotting. Denk dus ook niet dat je droog blijft. Want vanaf het moment dat je het Wad betreedt heb je te doen met water. Maar gelukkig ging het lopen makkelijker naarmate de zandplaten opdroogden en uiteindelijk liep je alsof je op het strand was. Je voeten van te voren goed invetten en eventueel drukvrij leggen is raadzaam.

 

In de late namiddag met de gids Peter op stap. Leuke vent met het hart vol van de Wadden. Hij vertelt over de bijzondere rol van de getijen op het Wad tussen de eilanden van Ameland en Schiermonnikoog. Door de speling van de natuur komt de Engelsmanplaat droog te liggen en verandert de biotoop van in zee levende dieren naar tijdelijk land- en luchtdieren. Alles wat in zee leeft gaat mee met de stroming en alles wat blijft graaft zich in of blijft achter in de geulen die ontstaan door het wegtrekkende water.

 

 

Peter legt uit hoe het Wad in elkaar steekt en wat voor belang dit heeft voor het voortbestaan van vele diersoorten, organismen en planten. En dat het belangrijk is dat de Waddenbodem zoveel mogelijk intact blijft. Tijdens het lopen kwamen we voorbij een kokkelboot waar vissers lagen te wachten op hoogtij. Eén visser vertelde ons dat kokkels tegenwoordig vanuit het oogpunt om bodemberoering tegen te gaan de kokkels handmatig gevangen worden. Een enorme klus! Met een bootje waar de vangst in verzameld wordt en met een soort van garnalenvangnet worden de kokkels gevangen waar de visser achteruitlopend het sleepnet met zich meeneemt.

 

 

Kokkels leven in het zand, net onder de oppervlakte en worden met een grote hark waaraan een opvangnet zit uit het zand getrokken. Omdat de kokkel in het zand woont, wordt dit schelpdier niet veel gegeten door de Nederlander, want net zoals met spinazie – zand in het eten wil niemand. En de Spanjaarden eten dus met liefde onze kokkels. Terwijl de kokkel juist veel meer smaak en bite heeft dan de welbekende mossel. En hoe mooi is het gevoel van je eigen kostje te vangen en thuis op te eten (superlekker recept!)? Ik zat algauw met mijn handen in het zand kokkels te rapen. Lekker!

 

We liepen verder de Engelsmansplaat op. Soms over ribbels van zand en later weer door ondiepe geulen. We hadden een onverwachte prachtige dag. Vanuit een blauwe lucht met typische Nederlandse wolken scheen de zon voluit. Ik vond het een zeer bijzondere wandel-ervaring op het Wad. Je waant je alleen op de wereld. Kijken tot aan de horizon met alleen een vogeltelhuisje in de verte. Vogels spotten die hun buikjes vol eten voordat het tij weer keert; stormmeeuwen, grutto’s, wulpen en zelfs lepelaars hebben we gezien.

 

 

En natuurlijk ook de zeehonden. Zo verwondert wij naar hen keken – op flinke afstand – zo angstig hielden ze ons in de gaten. We lopen verder richting een mosselbank en ondertussen vind ik een zeenaald – familie van het zeepaardje. Best een bijzondere vondst, helaas is het diertje dood. Maar verder; krabben, garnaaltjes, zandanemoon, wadpieren, kokerwormen, slakjes… het Wad leeft!

 

 

Met een flauwe bocht ging de zwerftocht weer langzaamaan richting de kust. Ondertussen verkleurde de lucht van helderblauw naar oranjeroze. De zon was bezig om de dag te beëindigen. Als toetje van de tocht bezochten we nog een oesterbank. Daar was de mogelijkheid om nog wat oesters te proeven. Een delicatesse met sterallures wat in een restaurant best aan de prijs is, kon nu exclusief genoten worden. Maar je vindt het lekker of niet. Ik heb het geprobeerd, maar geef liever de voorkeur aan kokkels.

 

 

En toen kwam het deel van de tocht waar iedereen toch een klein beetje op hoopte. Tussen de oesterbanken, in richting de geul moesten we door een stuk waar het behoorlijk blubberig was. Daar kwam niemand ongeschonden uit, één van de deelnemers kwam zelfs zo vast te zitten dat ze er niet meer zelfstandig uitkwam. Ook ik had er moeite mee. Want zodra je het ene been wilde optillen kwam de ander dieper in het slik te zitten. Bijna tot aan de knieën! Het werd serieus martelen om vooruit te komen. En tot overmaat van ramp was het tij ook bezig te keren.

 

 

Daar kwamen we achter toen de gids ons dit liet zien. Hij deed een kort verhaaltje en op het punt waar hij stond kwam in tien tellen het water al om zijn voeten kruipen. Peter is als gids een fijn persoon om mee over het Wad te lopen. Hij houdt oog voor de deelnemers, deelt zijn kennis en kent het Wad als zijn broekzak waardoor er ruimte is om er een echte zwerftocht van te maken.

 

 

Het werd echt tijd om weer richting vaste wal te gaan. Het laatste stuk liepen we dan ook stevig door. Eerst door de geul, waar het water al flink tot de heupen kwam. Dus toen maar even verderop overgestoken. Daarna in één streep door. Tot op het moment waar de zon de horizon raakte. Een magisch moment waarbij de gids vroeg om even stil te staan om dit natuurspektakel tot ons te nemen. Dat was vredig en mooi.

 

 

Weer even ploeteren door slijk en slip, toen weer vaste grond onder de voeten. Ook een heerlijk gevoel! In totaal drie uur wandelen over een prachtig en bijzonder mooi stukje Nederland. Elf kilometer afgelegd met zware momenten in een inspirerend en prachtig natuurgebied. De zwerftocht over Engelsmanplaat vergeet ik niet weer. Het was met recht een pracht avontuur. Mijn wandelschoenen hebben het ook overleefd, zelfs de wasmachine!

De Dames van WandelWol; Nanda (en Karin)

Foto’s: Peter van Avontuurlijk Wadlopen en Susanne van Spijker